Onlangs maakte EO-coryfee Andries Knevel bekend dat hij het scheppingsverhaal niet meer letterlijk neemt. Ook Knevel is er tegenwoordig van overtuigd dat er evolutie heeft plaatsgevonden. De ophef die toen ontstond maakte duidelijk dat wetenschap en geloof nog steeds op gespannen voet met elkaar staan. René Fransen, wetenschapsjournalist bij de Universiteitskrant van de Rijksuniversiteit Groningen, schreef een boek over evolutie en geloof. In ‘Gevormd uit sterrenstof’ wil hij duidelijk te maken dat geloof en wetenschap heel goed samen kunnen gaan. Lees hier de hele opinie en reageer.
Dr. René Fransen: Wetenschap niet misbruiken om eigen levensbeschouwing te propageren
feb 16th, 2009 by Redactie Kennisdebat
Ik heb een aantal commentaren op deze opinie:
1. Zoals de titel van dit stuk al aangeeft, vindt Rene Fransen dat het niet goed is om je levensbeschouwing te baseren op wetenschap. Dit komt vooral naar voren in het volgende stukje:
‘Maar de wetenschap geeft weinig houvast om er een levensbeschouwing op te baseren. Toch gebeurt dat steeds. De wetenschap trekt dan een te grote broek aan. Ik vind dat je wetenschap niet mag misbruiken om je eigen levensbeschouwing te propageren.’
Hij zegt dus eigenlijk dat het niet verstandig is om je levensbeschouwing te baseren op feiten over de wereld zoals wij die nu begrijpen. Volgt hieruit dus ook dat het volgens de auteur beter is om je levensbeschouwing te baseren op niet-feitelijke zaken, zoals geloof? Daarnaast is het merkwaardig dat Fransen zichzelf verderop in het stuk tegenspreekt wanneer hij zegt:
‘De evolutietheorie heeft allerlei levensbeschouwelijke implicaties en is in dat opzicht geen neutrale theorie.’
De evolutietheorie is voor mij wetenschap, en bepaalt voor een deel de manier waarop ik naar de wereld kijk (mijn levensbeschouwing). Daar is helemaal niks mis mee. Net zoals de astronomie ons leert dat wij niet het middelpunt van het heelal zijn, maar juist een klein blauw kiezeltje aan de rand van een klein sterrenstelsel. Ja, ook dat wetenschappelijk inzicht is onderdeel van mijn levensbeschouwing. En dat het leven na de dood ophoudt, wat mij betreft ook een wetenschappelijk inzicht, beinvloed ook mijn levensbeschouwing.
Ook lees ik nergens een argument waaruit volgt dat het niet verstandig is om je levensbeschouwing te baseren op wetenschap.
Verder verbaas ik mij erover dat deze opinie op de website van een Universiteit (lees wetenschappelijke instelling) staat. Vergaren wij alleen maar nieuwe kennis om deze toe te passen, of ook om de wereld beter te begrijpen? Ik neem aan dat ook de Universiteit er voorstander van is om onze levens zoveel mogelijk te baseren op de werkelijkheid.
Dus, conclusie: wetenschap biedt juist wel houvast om een levensbeschouwing op te baseren, en ik durf zelfs wel te stellen dat het juist vestandig is om je levensbeschouwing te baseren op wetenschap.
2. ‘Twintig procent van de Nederlandse bevolking twijfelt aan de evolutietheorie. Dat is een grote groep. Als deze mensen wetenschap vermijden omdat het niet valt te combineren met hun wereldbeeld, verlies je een groot potentieel.’
Ik denk dat het niet voor niets is dat deze mensen wetenschap niet kunnen combineren met hun wereldbeeld. Het is evident dat bepaalde stukken uit de bijbel in tegenspraak zijn met wetenschappelijke inzichten. Er zijn dan 2 mogelijkheden, namelijk: 1. Je kiest voor het stuk uit de bijbel of het wetenschappelijke inzicht, of 2. je sluit een compromis en jouw God is een veel kleinere God dan hij ooit was.
3. ‘Je hebt een groep mensen in de wetenschap die op een agressieve manier inhakken op gelovigen. Natuurlijk moet je soms vanuit de wetenschap harde uitspraken doen.
Maar ook voor een begrip als liefde kan je geen volledige wetenschappelijke beschrijving geven.’
In dit stuk refereert de auteur naar o.a. Richard Dawkins. Dawkins is niet iemand die op een agressieve manier inhakt op gelovigen. Dawkins is juist diegene die een duidelijk onderscheid maakt tussen aan de ene kant respect hebben voor iemand als persoon en aan de andere kant respect hebben voor iemands ideeen. Daarnaast heeft Dawkins het boek God als misvatting vooral geschreven voor gelovigen.
Ook vraag ik mij af hoe Fransen nu al weet dat de wetenschap geen volledige beschrijving van het begrip liefde kan geven.
4. ‘Wetenschappers zijn bang om te zeggen: we weten het niet. De evolutietheorie heeft nog allerlei openstaande vragen, maar men is bang om op scholen deze vragen te behandelen – omdat dan de andere partij er gelijk bovenop springt. Dus wordt er maar gezegd: we weten alles. Dat geeft een scheef beeld van de evolutietheorie.’
Hier wordt toch niet echt een juist beeld van de wetenschap geschetst. Wetenschappers zeggen juist voortdurend dat ze het niet weten, daarom doen ze wetenschap. Wetenschap bestaat alleen op het moment dat we zeggen: we weten het niet.
Een zeer bedenkelijk artikel en een treffende analyse ervan.
Fransen verteld niets nieuws in het hele God-wetenschap debat. Hierboven worden een aantal goede punten opgenoemd waar zijn betoog spaak loopt. De fundamentele barrières die hij invult met een God, is een typisch voorbeeld van een slecht bedachte hypothese. Dat maakt dit stuk, ook niet het publiceren waard op de RUG-site…jammer. Als ik een “wetenschappelijk” betoog hou over het het niet kunnen weerleggen van het bestaan van tuinkabouters, komt dit dan ook op de homepage van de RUG?
Het ontstaan van soorten is nog altijd iets anders dan het ontstaan van leven. Charles Darwin had dat zelf goed door, en stelde daarom dat godsdienst en wetenschap gewoon samen kunnen gaan. Darwin was dan ook geen atheïst, maar balanceerde naar eigen zeggen tussen agnosticisme en Christendom in. In die zin hebben niet alleen militante ‘creationisten’, maar ook militante ‘darwinisten’ nadrukkelijk afstand genomen van Charles Darwin. En dat is jammer.
Hoe komt men ertoe te stellen dat god een niet-natuurlijk fenomeen is? Lees er Spinoza nog eens op na.
Met enige verbazing zie ik de link naar het opiniestuk over Rene Fransen op de home-page van de Rijksuniversiteit Groningen. Dan realiseer ik me dat het een opiniestuk is en in het kennisdebat een discussie zou moeten uitlokken. Gelukkig laat de bijdrage daartoe ook alle ruimte.
De titel ‘Wetenschap niet misbruiken om eigen levensbeschouwing te propageren’ roept meteen al vragen op als: ‘Wat is misbruiken?’ en ‘Mag je de wetenschap dan wel gebruiken om je eigen levensbeschouwing te propageren of op z’n minst te vormen?’. Ik zie geen enkele reden waarom dat laatste niet zou kunnen. Fransen maakt het statement dat de wetenschap weinig houvast geeft om er een levensbeschouwing op te baseren. Vervolgens wordt hiervoor geen enkel argument aangedragen of het moet zijn dat niet-natuurlijke fenomenen wetenschappelijk niet te verklaren zijn of worden belemmerd door fundamentele barrieres.
Ik ken geen wetenschapper die bang is om te zeggen: ‘we weten het niet’. Sterker nog, een wetenschapper vindt zijn drijfveer in het feit dat ‘we niet alles weten’. De Rijksuniversiteit Groningen onderstreept dat nog eens met de slogan: werken aan de grenzen van het weten. De wetenschap doet inderdaad soms harde uitspraken, maar basseert conclusies op feiten en voorziet iedere publicatie van een uitvoerige discussie. De discussie vormt de basis binnen de wetenschappelijke gemeenschap. Hetzelfde geldt voor de evolutietheorie. Niet voor niets wordt het woord theorie hier gebruikt.
Fransen hoopt de acceptatie van de wetenschap onder gelovigen te vergroten. Begrip kweken doe je mijn inziens niet door beperkingen aan te geven, maar door uit te leggen hoe het wetenschappelijk bedrijf werkt. Vooruitgang in technologie, wetenschap en welvaart, heeft door de tijd heen, zowel voor gelovigen als ongelovigen, veranderingen teweeggebracht in levensvisies. Dat er voor velen voldoende ruimte is voor een religieuze levensovertuiging is prima. Desalniettemin denk ik niet dat gelovigen in hun overtuiging gesterkt worden als de wetenschap zich bescheiden opstelt. Het maatschappelijk debat over wetenschap zou inderdaad verbetert kunnen worden, maar publicaties als deze dragen daar niet werkelijk positief aan bij.
Commentaar op persoonlijke titel van R.M. Brockhus:
De heer van Belle ken ik als een integer mens die niets met eillegaal handelen van doen wil hebben. Hij beschikt over alle benodigde ook Europese erkenningen en vergunningen. Ik heb ooit voor hem eens een aantal artikelen vertaald en geschreven voor zijn magazine: “Mijn Opinie”. De teneur van bovenstaand artikel doet geen recht aan de persoon Antoon van Belle. Hij heeft inderdaad een passie voor dieren. Met name voor zijn katten die hij elke dag in zijn werkplaats/laboratorium voorziet van voldoende voedsel en water.
Ik heb na het ongeluk met het zelfontbrandende zirkonium, waardoor hij voor ca. 40% van zijn lichaam brandwonden had opgelopen, een interview met hem gemaakt waarin hij duidelijk uitlegt wat er gebeurd is, en hoe ambtenaren van VROM en justitie hem het leven zuur gemaakt hebben en dat nog steeds doen. Nog steeds houdt het OM zijn geld van ca. 180.000 euro in depot. Dit volstrekt ten onrechte. De manier waarop VROM en OM met hem omgaan is ronduit beschamend. Met recht en handhaving van wetten heeft dat weinig van doen. Ook de manier waarop VROM en justite met zijn adnministratie zijn omgesprongen is een schandaal van de eerste orde, van onbeschoftheid en machtsmisbruik. Maar wie stelt zich tegenover dit machtsapparaat teweer? De media? Tot nu toe lijdt van Belle en zijn vrouw onder de juridische terreur van de overheidinstellingen die een fout willen wegwerken van het ministerie van Defensie met het ongecontroleerd dumpel van 100 kilo verarmd uraniuim in een oude collimator die Domeien bij opbod verkocht had. Zie verder http://www.sdnl.nl/antoon-van-belle.htm